DHV Examenvragen najaar 2024 Examenvragen van Duiker-Hulpverlener najaar 2024 uit Hippocampus nr. 301 (nov/dec 2024) 0 stemmen, 0 gem 151 Duiker-Hulpverlener najaar 2024 Examen vragen van het najaar 2024 uit Hippocampus nr. 301 Opgelet! 70% is geslaagd, 1 fout antwoord op een vraag is 0 punten op de vraag. 1 / 32 Hoofdpijn na een duik kan ontstaan door: a. te spannende duik kap of duikbril. b. zuurstofvergiftiging; c. skip-breathing; d. CO2-retentie; 2 / 32 Klaplong. Welke beweringen zijn juist? a. Ontstaat bij longoverdruk als er lucht tussen borst- en longvlies raakt. b. Kan de ademhaling erg bemoeilijken en vereist activatie van de hulpdiensten. c. Kun je vermoeden als de borstkas niet symmetrisch beweegt bij het ademen. d. Ontstaat als je buddy je een te hevige klap geeft om je bij te brengen na bewusteloosheid. 3 / 32 Decompressieziekte. Waarom geef je zuurstof? a. Om de CO2-afvoer uit het lichaam te bevorderen. b. Om de bloodshift te bestrijden. c. Om zuurstoftekort in de weefsels te be strijden. d. Om de N2-afvoer uit het lichaam te bevorderen. 4 / 32 Een beetje bloed in het masker na een duik, zonder pijn, zonder andere symptomen. Wat is je advies als duikerhulpverlener? a. Dit is geen ernstig letsel. Voorstellen om bij gelegenheid een arts te raadplegen. b. Dit wijst toch op een ernstig letsel en vereist alarmeren van de hulpdiensten. c. Dit is waarschijnlijk een squeeze van de neusholtes. d. Een pijnstiller toedienen. 5 / 32 Welke factoren verhogen het risico op een decompressieziekte? a. Duiken vanop een boot. b. Duiken dieper dan 30 m. c. Meerdaagse duikreizen. d. Leeftijd. 6 / 32 Longoverdruk bij duiken met lucht kan ontstaan door: a. het omhoog brengen van een bewuste loos slachtoffer. b. normaal te stijgen (10 m/min) zonder voldoende uit te ademen; c. een hijgtoestand; d. een paniekstijging; 7 / 32 Na de duik valt je buddy met blote handen voorover in de oesters. Er ontstaat een bloedende wonde op de handpalm. Wat doe je? a. Je reinigt eerst je eigen handen en gebruikt wegwerphandschoenen indien die beschikbaar zijn. b. Je legt een knevel aan ter hoogte van de elleboog om het bloeden te stoppen. c. Je reinigt de wonde grondig en verwijdert vreemd materiaal. d. Je ontsmet de wonde met ether. 8 / 32 Vrijduiken. Welke beweringen zijn juist? a. Een vrijduiker kan nooit een hyperoxie-aanval krijgen. b. Een vrijduiker kan nooit decompressie ziekte oplopen. c. Een vrijduiker kan nooit het slachtoffer worden van immersielongoedeem. d. Een vrijduiker kan nooit een longsqueeze krijgen. 9 / 32 Een 4*D van 60 jaar klaagt tijdens de après-duik plots van hevige pijn ter hoogte van het borstbeen. Welke volgende bewering(en) is/zijn correct? a. Dit vereist onmiddellijke alarmering van de hulpdiensten. b. Afwachten tot het spontaan betert en voor de zekerheid zuurstof geven. c. Dit is hoogst waarschijnlijk het gevolg van teveel alcohol. d. Dit is hoogst waarschijnlijk een hart aanval. 10 / 32 Acute zuurstofvergiftiging: a. is een risico bij het langdurig toedienen van normobare zuurstof; b. de symptomen lijken erg op een stikstof vergiftiging; c. stuiptrekkingen kunnen plots optreden, zonder waarschuwingssignalen. d. is een risico bij het gebruik van nitrox; 11 / 32 Je duikmaat is slachtoffer van een duikongeval. Hij is goed bewust en ademt normaal. Hij heeft 100% zuurstof nodig en moet vervoerd worden naar een ziekenhuis. De totale evacuatietijd wordt geschat op 2 uur. Welke zuurstoffles(sen), gecomprimeerd op 200 bar, volstaat/volstaan voor dit transport? a. Fles van 2 liter. b. Fles van 10 liter. c. Fles van 6 liter. d. Fles van 15 liter. 12 / 32 Een barotrauma van het oor kan optreden als gevolg van: a. te laat klaren. b. obstructie door een slijmprop ter hoogte van de buis van Eustachius bij verkoudheid; c. astma; d. een te spannende duikkap; 13 / 32 Duiken met nitrox vermindert het risico op decompressieziekte op voorwaarde dat: a. het percentage zuurstof minstens 32% bedraagt; b. de duikcomputer op lucht blijft staan; c. je buddy ook met nitrox duikt. d. het om een successieve duik gaat; 14 / 32 Een gevaarlijk zeedier krijgt de ‘Gif-code 3’. Wat betekent dit? a. Het veroorzaakt een pijnlijke vergiftiging. b. Uitgebreide eerste hulp is noodzakelijk. c. Er is geen risico op een anafylactische of allergische reactie. d. Het veroorzaakt een levensbedreigende vergiftiging waarvoor een antigif beschikbaar is. 15 / 32 Wat moet de Duiker-Hulpverlener doen bij een bewuste duiker met vermoeden van decompressie ziekte? a. Zuurstof toedienen, niet laten drinken en de hulpdiensten activeren. b. Zuurstof toedienen, laten drinken en de hulpdiensten activeren. c. Zuurstof toedienen, het slachtoffer con tinu laten bewegen en de hulpdiensten activeren. d. De hulpdiensten activeren en het verder aan hen overlaten. 16 / 32 Longen en bloedcirculatie. Welke bewering(en) is/zijn juist? a. De surfactant zorgt voor een goede ont plooiing van de longblaasjes. b. Door goed uit te ademen onder water vermindert de kans op hypercapnie. c. Onderdompeling in water leidt tot toe name van het centrale bloedvolume. We noemen dit ook de 'bloodshift'. d. Ademen onder water vergt veel minder inspanning dan boven water door de verhoogde zuurstofdruk (ppO2). 17 / 32 Je buddy vertoont onmiddellijk na het bovenkomen pijn bij het ademen en bloederig schuim op de lippen. Wat ga je doen? a. Je plaatst hem/haar in halfzittende hou ding en geeft 100% normobare zuurstof. b. Je laat hem snel enkele liters water drinken. c. Je start beademing met het pocketmask. d. Je belt de hulpdiensten. 18 / 32 Welke beweringen zijn juist? a. Bij een kerntemperatuur van 33°C stopt het rillen. b. De beste manier om koude handen op te warmen is ze in heet water te steken. c. Flink bewegen in het water helpt om het warm te blijven hebben. d. Warmteverlies in water is ongeveer 25x groter dan in lucht. 19 / 32 Welke symptomen doen je in de eerste plaats denken aan een decompressieongeval na een duik van 60 minuten waarvan 30 minuten op een diepte van 30 meter. a. Hevige pijn ter hoogte van de borst met ophoesten van bloed. b. Hevige pijn ter hoogte van de rug. c. Moeite met rechtop staan. d. Pijn ter hoogte van een schouder. 20 / 32 Op het einde van een lange apneu-oefening in het zwembad verliest iemand het bewustzijn. Het slachtoffer wordt snel op het droge gebracht. Na enkele beademingen wordt het terug bewust, ademt normaal en voelt zich OK. Wat moet je doen? a. Zuurstof geven. b. De 112 altijd bellen. c. Naar huis laten gaan als ademhaling en bewustzijn normaal blijven. d. De 112 bellen als de situatie weer verslechtert. 21 / 32 Tijdens de BBQ na de duik krijgt je buddy kokend water over zijn arm. Er ontstaat een zwart letsel zonder pijngevoel. a. Dit is waarschijnlijk een tweedegraads brandwonde. b. De wonde moet gedurende 20 minuten gespoeld worden met lauw water. c. Je smeert de wonde in met Flammazine® of Flamigel® (zalf voor brandwonden). d. Je bedekt de wonde met een proper drie hoeksverband en verwijst je buddy zo snel mogelijk door naar het ziekenhuis. 22 / 32 Zeeziekte: a. Best nuchter inschepen. b. Ontstaat omdat de hersenen tegenstrijdige informatie krijgen van verschillende zintuigen. c. Maakt deel uit van kinetose of bewegingsziekte. d. De ogen spelen ook een rol. 23 / 32 Duikers die voor het eerst naar -40 m gaan met lucht moeten gewaarschuwd worden voor: (1 antwoord) a. een stikstofnarcose; b. een hyperventilatie; c. een zuurstofvergiftiging. d. een hijgtoestand; 24 / 32 Na contact met bijtende vissen: a. pas je de ‘Algemene Wond Behandeling’ techniek toe; b. is er geen risico op infectie; c. kan je best de wonde ontsmetten; d. is dringende gespecialiseerde hulp noodzakelijk. 25 / 32 Op duikvakantie in Indonesië ontwikkel je na een aantal dagen duiken forse diarree. Wat is juist? a. Wanneer er bloed of slijm in de stoel gang aanwezig is, kan dit wijzen op een ernstig verloop. b. Het is niet altijd nodig om antibiotica in te nemen bij het ontwikkelen van diarree op reis. c. Om reizigersdiarree te vermijden, was je best alle groenten en fruit met kraantjeswater voor je het opeet. d. Reizigersdiarree wordt meestal veroor zaakt door een worm. 26 / 32 Welke beweringen met betrekking tot decompressieziekte zijn juist? a. De symptomen treden meestal op binnen het uur na de duik. b. Bij lichte symptomen mag gewacht worden met behandelen. c. Kan optreden bij correct gebruik van de duikcomputer. d. Symptomen die optreden meer dan 6 uur na de duik zijn niet te wijten aan de compressieziekte. 27 / 32 Bij apneu-oefeningen in het zwembad zie je duikers vaak enkele minuten diep in- en uitademen (hyperventileren). Welke bewering(en) is/zijn juist hieromtrent? a. Tijdens het hyperventileren kunnen ze duizelig worden. b. Zo bouwen ze een grote zuurstofvoorraad op in hun longen. c. Zo stellen ze hun ademprikkel uit. d. Hierdoor kunnen ze plots het bewustzijn verliezen tijdens de oefening. 28 / 32 Een duiker komt boven en vermeldt duizelig geweest te zijn tijdens het stijgen. Na de duik zijn er geen problemen meer. a. De duiker onmiddellijk naar een spoed gevallendienst sturen. b. Het gaat waarschijnlijk om een binnen oorbarotrauma. c. Het gaat waarschijnlijk om een alternobaar vertigo. d. Het gaat waarschijnlijk om een sinus barotrauma. 29 / 32 Immersielongoedeem. Welke factoren werken bevorderend? a. Nieuwe ademautomaat. b. Zware inspanning tijdens het duiken. c. Verticale positie in het water. d. Duiken in koud water. 30 / 32 Het oor: wat is juist? a. Het evenwichtsorgaan maakt deel uit van het binnenoor. b. De buis van Eustachius zorgt voor drukevenwicht tussen middenoor en binnenoor. c. In het middenoor wordt het geluid over gedragen aan de gehoorzenuw. d. Het middenoor is gevuld met lucht, het binnenoor met vloeistof. 31 / 32 Een duiker komt je na een duik van 45 min met een maximale diepte van 15 m vertellen dat hij/zij zich bij het opstijgen licht kortademig voelde. Er deden zich geen incidenten voor tijdens de duik. Waaraan moet je in de eerste plaats denken? (1 antwoord) a. Een beginnende longontsteking. b. Slechte algemene conditie. c. Immersielongoedeem. d. Een licht decompressieongeval. 32 / 32 De samenstelling van het ingeademde gas uit een duikfles gevuld met lucht: a. is afhankelijk van de diepte; b. is afhankelijk van de inspanning die je levert onder water. c. 21 % zuurstof, 79 % stikstof; d. 79 % zuurstof, 21 % stikstof; Je score is De gemiddelde score is 64% 0% Herstart quiz